Print deze pagina (Tip - Printer instellen op landscape)Vertel een vriend(in) over CampingGids.com
  CampingGids.com
camping --> Landinformatie (TsjechiŽ)
 
CampingGids van Europa
 
 
Ga terug naar de vorige pagina
 
Zoek een camping in TsjechiŽ
Het actuele weer in Tsjechië bekijken
Tientallen handige links zijn hier te vinden
Nog meer campings in de diverse landen
 
 

algemeen

Tsjechië (officieel: Ceská Republika of kortweg: Cesko) is een republiek in Midden-Europa. Tsjechië heeft een oppervlakte van 78.864 km2, verdeeld over de streken Bohemen en Moravië. Tsjechië is daarmee ongeveer twee keer zo groot als Nederland.

Op veel plaatsen is sprake van vulkanische activiteit die zich voordoet in de vorm van warmwaterbronnen. Rond die plekken zijn de beroemde kuuroorden en badplaatsen ontstaan.

Er zijn veel wandelpaden en het Reuzengebergte biedt goede wintersportmogelijkheden. Verder zijn er een aantal traditionele spa´s, waarvan Karlovy Vary en Marianske Lazne de bekendste zijn. Verder concentreert het toerisme zich voornamelijk op Praag en de regio daaromheen.

De interessantste stad van het land is ongetwijfeld Praag; in Moravië is het de oude universiteitsstad Olomouc met heel veel historische gebouwen. Interessante steden in Bohemen zijn o.a. Tábor (aan het begin van de 15de eeuw een belangrijk centrum van de hussitische beweging; uit die tijd stamt ook het catacombenstelsel, waardoor de huizen van deze stad met elkaar verbonden waren), in het zuiden Ceský Krumlov, in het zuidoosten Telc en in het oosten Kutná Hora.

Sommige van de Tsjechische steden zijn als badplaats bekend geworden. De bekendste zijn Karlovy Vary (Karlsbad) en Mariánské Lázne (Mariënbad) in het westen van Bohemen en Luhacovice in Oost-Moravië.

Het land kent vele diverse typen burchten en kastelen. In de omgeving van Praag liggen o.m. Karlštejn (het belangrijkste gotische kasteel), Krivoklát (het jachtslot van de Tsjechische koningen) en het kasteel Konopište (met een unieke verzameling jachttrofeeën). Het Zuidboheemse kasteel Hluboká nad Vltavou is gebouwd in Tudor-stijl. In Moravië zijn het gotische kasteel Pernštejn en de barokkastelen van Valtice en Ždár nad Sázavou bekend.

Wat de natuur betreft, biedt Tsjechië zeer uiteenlopende typen landschappen. In Zuid-Bohemen bevinden zich de uitgestrekte hoogvlakten met de (in de 16de eeuw) kunstmatig aangelegde meren en de (recent) aangelegde stuwmeren, zoals dat van Lipno, een centrum van zomertoerisme. In Noord-Bohemen liggen diverse centra van vooral wintertoerisme, zoals in Krkonoše (Reuzengebergte) of in de Jizerské-bergen. Vlak bij de stad Jicín liggen de Prachovské skály, een uitgestrekt complex van bizarre zandsteenrotsen. Ook het Jeseníkygebergte in Noord-Moravië wordt het meest in de winter bezocht. In het lager gelegen Midden-Moravië bevindt zich de zgn. Moravský kras, een natuurreservaat met veel druipsteengrotten en het 138 m diepe ravijn Macocha.

landschap
Tsjechië vertoont naar ouderdom als naar vorm zeer verschillende landschapsvormen. Het landschap wordt gekenmerkt door een opeenvolging van bekkenvormige laagvlaktes die door gebergtes van elkaar worden gescheiden. Deze landschappen zijn in drie hoofdgroepen te verdelen: De bekkens en gebergten van het Boheemse massief, het Silezisch-Moravische corridor en Moravië.
Boheemse massief
Dit massief is een geplooid gebied dat de Boheemse laagvlakte in een wijde boog omsluit. Dit massief omvat in het noorden het Sudetengebergte met als hoogste top de Schneekoppe of Snežka (1603 meter) in het Reuzengebergte. Het Reuzengebergte is tevens een Nationaal Park en overwegend begroeid met naaldbomen. De bron van de rivier de Elbe (Labe) is ook te vinden in het Reuzengebergte. Ten westen hiervan ligt het Ertsgebergte of Krušné hory (hoogste top Klínovec, 1603 meter), dat de noordwest- en noordgrens met Duitsland markeert en rijk is aan delfstoffen, o.a. bruinkool. Aan de voet hiervan ligt het vulkanische Duppauergebergte (Doupovské hory) met veel minerale bronnen, die de aanleiding zijn geweest tot het ontstaan van de Tsjechische kuuroorden. Richting zuidoosten ligt het Fichtelgebergte en het Boheemse Woud, gemiddeld ca. 1150 meter hoog met als hoogste top de Javor met 1330 meter.

De Boheemse laagvlakte bestaat in het zuiden uit het lage massief van Zuid-Bohemen en o.a. het Luschnitzer bekken. Door de Boheemse laagvlakte stromen een aantal rivieren, waarvan de Moldau (Vlava) de bekendste is. Ten noordwesten hiervan ligt het heuvellandschap van het Brdawoud (tot 850 meter hoog) en de heuvellandschappen van Noordwest-Bohemen. In het oosten wordt Bohemen van Moravië gescheiden door de Moravische hoogten (tot 660 meter hoog).

Aan de voet van Jizerské hory ligt het Boheems Paradijs (Cesky raj), een natuurgebied met grillige zandsteenrotsen. Vlak bij Praag ligt de Tsjechische Karst (Cesky kras), een gebied dat bekend is om zijn druipsteengrotten.

het Silezisch-Moravische corridor
Dit is een licht geaccidenteerd gebied tussen het Boheemse en het Moravische deel dat bestaat uit sedimenten en vulkanische gesteenten. Moravië is over het algemeen betrekkelijk vlak met lage bergen en heuvels van het Boheems-Moravisch Hoogland in het westen.
Moravië
De bekkens en gebergten van het jongere plooiingsgebergte in Moravië, deel uitmakend van het westelijk deel van de Karpaten. De landschappen van Moravië vallen samen met de Witte en Kleine Karpaten. De rivier de Morava loopt van het noorden naar het zuiden en mondt in de Donau uit. Door de rivier is een breed dal ontstaan. Ten noorden van Brno ligt een bekend kalksteengebied met veel druipsteengrotten, onderaardse meertjes en rivieren, de Moravische Karst (Moravsky kras)
meren
Tsjechië heeft niet zoveel natuurlijke meren; het zijn voornamelijk door morenes opgestuwde meren in de gebergten (Šumava). Het grootste kunstmatige meer is het Rožmberk-meer, gemaakt in 1590 en ca. 500 ha groot. De talloze, meest middeleeuwse kleine stuwmeertjes, rybník geheten, liggen voornamelijk in Zuid-Bohemen en beslaan samen een oppervlakte van 415 km2. Er zijn vele moderne stuwmeren, voornamelijk in de Vltava en het grootste stuwmeer is het Lipno-meer.
planten en dieren
In de bergachtige gebieden vindt men de rijke veelzijdige flora van Midden-Europa: uitgestrekte bossen met zowel loofhout (esdoorn, lijsterbes, eik, beuk, berk) als naaldhout (grove den, arve, spar, lariks, taxus); verder Veratrum nigrum, berendruif, vele soorten orchideeën, Sorbus sudetica, en vele andere, vaak endemische, alleen hier voorkomende plantensoorten.

De boomgrens ligt tussen 1200 en 1400 meter. In de rivierdalen treft men vaak een parkachtig landschap aan. Ongeveer 30% van het landoppervlak bestaat uit bos.

De dierenwereld is van een Midden-Europees karakter; op de gebergten komt een alpien aandoende fauna voor met o.a. marmotten, gemzen, moeflons en sneeuwmuizen. Grote roofdieren als de wilde kat en de lynx komen nog sporadisch voor.

In de wateren van Tsjechië zwemmen karpers, forellen, snoeken en palingen. In het natuurreservaat ZehuSice bij Kutna Hora leven witte herten die verder in Europa niet meer voorkomen. In grote stuwmeren leven gigantische meervallen. Ooievaars nestelen in het hele land en er komen talrijke watervogels voor in de Donauvlakte. Bijzondere vogels zijn verder de steenarend en de drieteenspecht in het Reuzengebergte en de Mala Fatra.

Een netwerk van reservaten en nationale parken verlenen fauna en flora redelijke bescherming; de meeste nationale parken liggen op de grens met Polen en worden in goede samenwerking beheerd. Toch worden veel bomen-, planten- en dierensoorten met uitsterven bedreigd door de industrialisering en de milieuvervuiling. Zure regen heeft op veel plaatsen de vegetatie aangetast. Met name naaldbomen hebben hier erg van te lijden gehad.
klimaat
Het klimaat van Tsjechië behoort tot het Midden-Europese type waarin het klimaat van west naar oost gaande een steeds sterker continentaal karakter krijgt. De gemiddelde temperatuur overdag bedraagt in Praag in de maand januari 9,5°C en in de maanden juni, juli en augustus respectievelijk 30,9, 32,7 en 31,8°C. Praag behoort daarmee tot een van de warmste en droogste plekken van Tsjechië (486 mm neerslag per jaar).

Ook andere steden en streken in de dalen van Bohemen hebben een laag neerslagcijfer. Weer andere gebieden in Bohemen hebben een onstabieler klimaat, dat wel wat lijkt op het Nederlandse klimaat. Het waait alleen wat minder hard en er valt veel meer sneeuw.
De gemiddelde temperatuur in geheel Tsjechië is in juli, de warmste maand, 18 tot 21°C. De koudste maand is januari met een gemiddelde van -5°C tot -11°C. In januari is in Praag de gemiddelde temperatuur overdag -0,9°C.

De neerslag varieert sterk per plaats, een gevolg van de geaccidenteerdheid van het land. In de drie zomermaanden valt de meeste neerslag. De droogste periode is van december tot en met februari met een gemiddelde neerslag van 190-200 mm. De droogste gebieden zijn Midden-Bohemen en Zuid-Moravië. De gemiddelde neerslag is in de dalen 450 tot 650 mm per jaar en in de bergen 1000 tot 2000 mm.

In Moravië hebben de laagvlaktes en dalen in het midden en zuiden een droger klimaat en is het gemiddeld warmer dan in Bohemen. De bergstreken in Moravië kennen een vrij instabiel, vochtig weertype met neerslaghoeveelheden tot 1550 mm per jaar.
Gegevens zijn afkomstig van onze partner: landenweb.com

 





 
 
Copyright © 1998/2014
deze site bij uw favorieten
 
vertel een vriend
disclaimer
camping toevoegen
 




CampingGids.com is een directe partner van Frankrijktoplist.nl en de CampingTop100.nl



5 bezoekers on-line